Stoffen en meelstof

Producten waar werknemers in de zoetwarenindustrie mee werken, kunnen onder bepaalde omstandigheden risico’s opleveren voor hun gezondheid. De risico’s zijn afhankelijk van verschillende factoren, die werkgevers zoveel mogelijk moeten beperken.

Het risico op gezondheidsproblemen door stoffen, hangt onder meer af van de eigenschappen van de stof, de concentraties waaraan medewerkers worden blootgesteld en de duur van die blootstelling. Bij bepaalde stoffen, zoals meelstof, zijn de risico’s ook afhankelijk van de individuele gevoeligheid van de werknemer.
 
Soorten stoffen
In de zoetwarenindustrie vormt blootstelling aan stofvormige producten een risico. Voorbeelden hiervan zijn meelstof, cacaopoeder en stof van bepaalde additieven, zoals amylase. Stofvormige grondstoffen (zoals meel, suiker en stof) die vrijkomen bij het productieproces kunnen onder bepaalde omstandigheden zelfs leiden tot stofexplosiegevaar. Daarnaast is het mogelijk dat de medewerkers werken met andere gevaarlijke stoffen, zoals schoonmaakmiddelen en ontsmettingsmiddelen, beschermingsgassen zoals koolstofdioxide en stikstof en geur- en smaakstoffen op alcoholbasis. Een bijzonder (en groot) risico kan ontstaan bij de aanwezigheid van asbestvezels in bijvoorbeeld ovens, gebouwen of installaties.
 
Meer informatie
In de Stoffenmanager en het Handboek Stofbeheersing staat meer informatie over blootstelling en opslag. Over stofexplosies staat uitgebreide informatie in de ATEX-richtlijn. De Handreiking Asbest geeft handvatten hoe eventuele risico's als gevolg van de aanwezigheid van asbest te beheersen.